Voor de rubriek “Woordkunstenaars” vragen we schrijvers uit verschillende werelden over hun werk en de rol van taal daarin. Voor de tweede editie zaten wij op een warme zomerdag aan de Amsterdamse grachten om rapper Bokoesam aan de tand te voelen.

Bokoesam bracht tussen 2014 en 2020 welgeteld negen (!) projecten en talloze singles uit onder de vlag van Nederland’s grootste Hiphop-labels: Topnotch en Noah’s Ark. Dit is op z’n zachtst gezegd niet onopgemerkt gebleven. Bokoesam is namelijk vaste klant in zowel de Nederlandse als de Belgische hitlijsten.

Wat maakt een tekst goed?

“Lastig te zeggen. Ik denk dat een goede tekst moet kloppen qua melodie en tekst, maar het moet voor mij vooral uniek zijn. Daarom luister ik niet zoveel Nederlandse muziek, omdat veel artiesten hier elkaar nadoen. Ze zien wat werkt en maken dan hetzelfde. Dat hoeft helemaal niet, want de artiesten hier zijn creatief genoeg om zelf iets nieuws te bedenken. Ik denk dat ze veel druk voelen om te scoren. Ik snap dat het moeilijk is als je een track maakt die bijvoorbeeld zes miljoen streams haalt, en daarna breng je een nieuw nummer uit die (maar) twee ton streams haalt. Natuurlijk is twee ton ook hartstikke goed, maar ik snap dat artiesten dat dan minder goed kunnen waarderen, waardoor ze sneller geneigd zijn om een nummer te maken in een stijl die sowieso gaat werken. Maar ik denk dat de muziekwereld nu groot genoeg is in Nederland, dat iedereen gewoon z’n eigen ding kan doen.”

Wanneer kwam je erachter dat je goed met woorden was?

“Dat kwam pas na een tijdje. Ik vond het eerst gewoon echt leuk om met vrienden te rappen in de klas bijvoorbeeld. Toen zag ik op een gegeven moment de rapper Lil B en ik kon me echt vinden in hem. Hij was ook apart en heel alternatief. In mijn vriendengroep en de buurt was ik ook altijd de raarste. Maar toen dacht ik nog niet per se dat ik er echt goed in was en het ging maken. Ik dacht vooral: het zou echt leuk zijn als ik dit de komende tijd kan blijven doen. Pas later heb ik echt besloten om alles op alles te zetten.”

V.l.n.r.: Ludo Thörig (Head of Talent), Bokoesam (Rapper) en Tim van Gerrevink (Head of Sales).

Doe je onderzoek naar jouw audience en pas je jouw woorden aan aan jouw publiek?

“Nee, eigenlijk niet. Mijn management kijkt natuurlijk wel naar de luisteraars en ik kijk ook wel eens. Maar ik heb altijd gemaakt wat ik zelf wil. Op dit moment maak ik heel veel verschillende muziek, van dancehall tot trap. Met die verschillende stijlen spreek ik hele andere doelgroepen aan. Als ik te veel ga nadenken over wie het moet gaan luisteren en de statistieken, dan staat het mijn creativiteit in de weg. In de studio maak ik dus gewoon wat ik wil. Wel hebben we eens in de zoveel tijd een meeting waar we beslissen welke tracks nu het slimst zijn om uit te brengen. Daarnaast kan ik ook niet te lang dezelfde dingen blijven maken. Ik heb zelfs een keer gehad dat het muzieklabel waar ik toen bij zat, drie singles koos voor mijn album. Maar ik vond die drie tracks te veel op elkaar lijken, waardoor mensen misschien gingen denken dat het hele album zo was. Daar heb ik uiteindelijk een stokje voor gestoken.”

Kun je tegenwoordig nog alles zeggen?

“Ik kan alles zeggen, maar ik doe dat gewoon niet altijd. Ik wil dat ook niet meer. Dingen kunnen heel anders overkomen op mensen die jou niet kennen. Vroeger was ik wel meer bezig met mensen choqueren. Tegenwoordig, aangezien ik ook vader ben, probeer ik wel meer op te letten hoe ik dingen zeg. Ik weet dat er meer mensen zijn die naar mij opkijken. Maar soms heb ik er ook wel weer schijt aan.”

“Ik heb in het verleden wel mensen gekwetst. Daardoor heb ik beseft dat wat je zegt, heel anders geïnterpreteerd kan worden dan hoe jij het bedoelt. Vroeger was ik wel gek op Twitter. Ik heb daar bijna alles, van geslacht tot aan godsdienst, belachelijk gemaakt. Later zijn die tweets naar boven gekomen en toen ben ik flink door het stof gegaan. Maar de mensen die mij kennen, weten dat ik dat allemaal niet zo bedoelde. Er zijn natuurlijk ook veel mensen die mij niet kennen en het daardoor niet in context kunnen plaatsen. Daarnaast kijken mensen tegenwoordig vaak maar een klein stukje van een interview, waardoor quotes helemaal uit de context getrokken worden. Ik doe dat zelf trouwens ook wel hoor.”

In de contentwereld heb je SEO-woorden, die ervoor zorgen dat jouw website beter gevonden wordt. Is er al iets soortgelijks in de teksten van liedjes?

“Ik denk dat er al zoiets gebeurt. Vorig jaar was het woordje ‘viraal’ een veel gebruikt woord onder de jeugd. Dan is het wachten tot er een rapper komt, die dat woord gebruikt in een nummer. Maar er zijn ook artiesten die hun teksten schrijven met een heel team. Ik kan me goed voorstellen dat zij wel nadenken over welke woorden de doelgroep triggeren. Ik doe dat zelf eigenlijk niet. Ik maak gewoon wat ik wil. Als de muziek af is, ga ik natuurlijk wel kijken hoe we het het beste uit kunnen brengen.”

Ben jij bezig met de performance van je eerdere releases?

“Ik kijk zelf wel naar de streams. Maar meer omdat ik het interessant vind, het is niet dat ik daar bewust conclusies uittrek. Ik ga dan niet iets anders doen door wat ik daar zie. Streams en views geven ook niet altijd goed weer wat de impact is. Sommige tracks van mij deden het minder qua streams. Maar op straat kwamen er meerdere mensen naar mij om te vertellen dat datzelfde nummer heel veel voor hen betekende.”

Welke artiest wordt het meest onderschat qua teksten?

“Wereldwijd zou ik zeggen Young Thug. Hij wordt vaak gezien als een rare rapper. Maar als je echt naar zijn tracks luistert, zegt hij veel wijze woorden. Veel mensen kijken alleen naar het hele pakketje en missen daardoor wat hij zegt in zijn teksten. In Nederland vind ik dat Ray Fuego (van het collectief SMIB) echt onderschat wordt door het grote publiek. Zijn teksten vind ik heel goed. Maar ik denk dat de echte mainstream hem nog niet helemaal begrijpt omdat hij ook echt out of the box is.”

Wat is het eerste woord dat je kende?

“Zooo, even kijken… Ik denk eigenlijk ‘papa’ of ‘mama’. Maar wie was het eerst? Ik denk ‘mama’. Het eerste woord van mijn zoontje was in ieder geval ‘papa’, dus die heb ik gewonnen!”

Welke woord kan echt niet meer anno 2020?

“Het woord ‘Damsko’ kan echt niet meer. Dan kun je beter Amsterdam zeggen. Maar ‘Dammie’ kan eventueel ook nog wel.”

Wat is het woord van dit jaar?

“Ik hoor ‘Quarra’ veel voorbij komen. Dat is een ander woord voor quarantaine. Maar ik gebruik het woord niet echt zelf.”

Hoe waren de afgelopen maanden voor jou, gezien de huidige situatie met corona?

“In het begin dacht ik dat ik veel meer in de studio zou zitten. Maar dat viel mee, ik had eigenlijk veel meer tijd voor andere dingen. Ik wilde al heel lang een BBQ-tentje beginnen. Daar had ik nu meer tijd voor. We zijn het nu helemaal aan het voorbereiden en we hebben ondertussen al een locatie gevonden.”

Welke content is echt blijven hangen bij jou?

“Er is één quote van Bob Marley altijd wel blijven hangen bij mij. Een interviewer vroeg hem ooit of hij rijk was en hij antwoordde: “my richness is life, forever”. Als je (online) content creëert, blijft het eigenlijk altijd wel daar. Dit kan ook gelden voor gesprekken met andere mensen. Je kunt door wat je zegt jezelf voor eeuwig laten leven, ook als jij niet meer bestaat. Dat vind ik wel heel speciaal.”

Zit je toevallig op Linkedin?

“LinkedIn? Ik weet niet wat dat is. Ik heb alleen instagram en had dus heel lang Twitter.”